Toelichting door prof. dr. Luc François bij het vierde addendum (2017)

Deze aflevering van de Bibliografie van de Geschiedenis van Oostende bevat de publicaties – zowel boeken als artikelen – die verschenen zijn in de periode 2012-2016. Ze vormt meteen de vijfde aflevering van de reeks die in het jaar 2000 werd opgezet. De werkzaamheden voor deel 1 (gepubliceerd als Oostendse Historische Publicaties, deel 8) begonnen in 1996, iets meer dan twintig jaar geleden dus. In de vijf afleveringen samen zijn nu 8900 titels samengebracht, gerangschikt volgens een ordeningssysteem dat in binnen- en buitenland gangbaar is. In de voorliggende aflevering zijn 1049 titels samen gebracht: 494 die effectief verschenen zijn in de periode 2012-2016 en 555 titels uit voorgaande jaren die we alsnog konden opvissen.

In vergelijking met de vorige aflevering uit 2013 (de ‘oogst’ van de jaren 2007-2011) is de werkgroep alweer wat gewijzigd: Gilberte Farasyn-Schepens die vele jaren trouw heeft meegewerkt en tal van publicaties aanbracht, gaf er de voorkeur aan om nu niet bij de redactie van dit vijfde deel betrokken te worden. De redactie van deze Bibliografie – en bij uitbreiding het bestuur van De Plate – wenst haar ten zeerste te danken voor haar inzet in de voorbije jaren. We konden ons gelukkig achten dat Erwin Mahieu en Nadia Stubbe met enthousiasme tot de werkgroep toetraden en in grote mate bijdroegen tot de rijkdom van deze aflevering. In alle afleveringen samen hebben dus al 14 personen zich ingezet om deze Bibliografie op te starten en verder te zetten.

Een uitvoerige analyse van de tendensen die uit deze oogst kan worden gemaakt, volgt binnenkort en zal ter publicatie aan het tijdschrift van ‘De Plate’ worden aangeboden. Hier kunnen echter al twee kenmerken worden gesignaleerd:

-              In vergelijking met de werkzaamheden van deel 1 (publicatie in het jaar 2000) zijn de opzoekingsmogelijkheden fel gewijzigd. Toen werd nog heel wat overgeschreven, gekopieerd en manueel verwerkt. Nu zijn de digitale zoekmogelijkheden quasi eindeloos. Dit verklaart waarom nu nog zo’n groot aantal ‘oude’ titels konden worden opgevist.

-              In vergelijking met de vorige aflevering van deze Bibliografie (publicaties 2006-2011) is de oogst nu redelijk mager: toen konden we 694 titels bijeen brengen: dit aantal is voor de periode 2012-2016 gedaald tot 494, een vermindering met bijna 30 %.

Bij het opstellen van een Bibliografie staan de samenstellers altijd voor de keuze of deze of gene titel wel opgenomen moet worden. Het enige sluitende criterium is echter de inhoudelijke: zodra het verleden van Oostende – hoe ruim ook te interpreteren – aan bod komt, verdient een titel opname. De kwaliteit, de aard (tekst, beeldmateriaal), de lengte, het opzet van de bijdrage kunnen nooit een sluitend antwoord geven op de vraag naar opname. Ook de aard van het tijdschrift kan niet bepalend zijn. Mochten we deze weg zijn opgegaan, dan zou zich een eindeloze discussie hebben ontsponnen over ‘wat wel’ en ‘wat niet’. Deze optie heeft een aantal consequenties: door in principe ‘alles’ te willen opnemen, krijgt de lezer een grote hoeveelheid titels voorgeschoteld en niet alle zijn even lezenswaardig, maar toch kan elke verwijzing een nuttige tip bevatten. Een tweede consequentie is dat een aantal titels zich in de grijze zone tussen studie en bron bevinden. Maar zolang er geen overzicht voorhanden is van de gedrukte bronnen over de geschiedenis van Oostende, lijkt het aangewezen om de publicaties die zich in die grijze zone bevinden ook op te nemen.

 

Prof. Dr. Luc François

Oostende, augustus 2017